club regels

1. Volg - voor je eigen veiligheid – altijd de aanwijzingen van de leiding en begeleiders op.

2. De pony of het paard voor het rijden borstelen. Borstels na gebruik schoon terugleggen. Elk rijdier heeft een eigen borstelbak.

3. De hoeven worden door de leiding verzorgd.

4. Zadel en hoofdstel uit de zadelkamer halen en na het rijden weer opbergen, het bit afgespoeld.

5. Bij het betreden van het terrein en bij het in en uit de stal gaan, steeds alle hekken achter je sluiten.

6. Het is niet de bedoeling dat er voor of na het rijden door de ruiter meegebracht eten wordt genuttigd, tenzij in verband met medicijngebruik of een aandoening noodzakelijk.

7. De rijdieren krijgen een uitgebalanceerde voeding, waarin geen plaats is voor meegebracht oud brood, fruit of groenteafval. Laat dit thuis! Wil je de pony’s en paarden trakteren, vraag dan eerst wat zij mogen hebben en neem het mee in een afgesloten zak. Zorg voor genoeg voor allen, want als je alleen je eigen lieveling wat geeft worden de andere jaloers. Uitdelen mag alleen na het laatste uur ’s morgens of ’s middags, anders worden de dieren onrustig.

8. Wanneer een ruiter te laat komt, is het niet meer mogelijk om aan een bijeenkomst deel te nemen. Er zal dan extra aandacht aan het verzorgen van het paard en de theorie worden geschonken. Een bijeenkomst duurt een uur.

9. Het dragen van een veiligheidscap en rijlaarzen is verplicht.

10. Lang haar opsteken of in een vlecht dragen. Kleding moet gesloten worden gedragen. Veterschoenen zijn verboden, (rij)laarzen worden aanbevolen, of lage laarzen met chaps. Ringen, halskettinkjes en armbanden afdoen.

Federatie paardrijden gehandicapten
Onze ponyclub baseert zich op algemeen aanvaarde richtlijnen voor aangepast paardrijden voor mensen met een beperking (handicap). Maar is geen lid.

wilfred droog © 2009

Valid XHTML 1.0 Transitional